De Vlaamse Ouderenraad verwelkomt de extra investering van 40,4 miljoen euro van de Vlaamse regering in de woonzorgcentra en respijtzorg, en de verdere uitbouw van lokale dienstencentra tot sterke ‘huizen van de buurt’. Beide maatregelen zorgen ervoor dat mensen langer kunnen blijven wonen in hun vertrouwde omgeving, zonder dat ze er alleen voor komen te staan. Positief nieuws dus voor ouderen. De Vlaamse Ouderenraad zal de verdere uitwerking en uitvoering dan ook met belangstelling opvolgen.
Bijkomende plaatsen creëren ademruimte
Dankzij de 40,4 miljoen euro aan extra middelen komen er, naast de 564 bijkomende woongelegenheden in woonzorgcentra, ook 682 plaatsen bij de centra voor kortverblijf: 551 nieuwe plaatsen en 131 eerder geplande, maar nog niet gerealiseerde plaatsen. Dit is belangrijk, omdat dat gaat om plaatsen waar ouderen tijdelijk terechtkunnen wanneer thuis wonen even moeilijk wordt, bijvoorbeeld wanneer een mantelzorger tijdelijk niet kan instaan voor de zorg, of na een ziekenhuisopname. Nadien kunnen zij opnieuw naar huis terugkeren. Met deze investering wordt een belangrijke stap gezet in de richting van een ouderenzorg die mensen helpt om langer thuis te blijven wonen, zonder dat ze er alleen voor staan. De Vlaamse Ouderenraad stipt hierbij graag aan de plek waar residentiële ouderenzorgvoorzieningen worden ingeplant uitermate belangrijk is. Idealiter liggen deze voorzieningen in bebouwde en levendige buurten waardoor ouderen die de stap - al dan niet tijdelijk - zetten in hun vertrouwde buurt kunnen blijven.
Huizen van de buurt als spil van leeftijdsvriendelijke buurten
Ook de ambitie om van de lokale dienstencentra ’huizen van de buurt’ te maken draagt volgens de Vlaamse Ouderenraad bij tot de opschaling van leeftijdsvriendelijke buurten waarin mensen alle kansen krijgen om in hun vertrouwde omgeving oud te worden.
Dit betekent dat de lokale dienstencentra nog meer preventief en outreachend zullen moeten werken. In samenwerking met huisartsen, thuiszorg, welzijnsorganisaties en vrijwilligers, … moeten ze noden vroegtijdig detecteren, mensen laagdrempelig bereiken en de brug vormen tussen de formele zorg en informele netwerken. Vanaf 2028 zou het nieuwe kader gefaseerd worden ingevoerd. De Vlaamse Ouderenraad wijst er graag op dat dit plan enkel succesvol kan zijn, indien de Vlaamse Regering voldoende extra middelen vrijmaakt voor de werking van deze “huizen van de buurt”.
Stap naar geïntegreerd ouderenbeleid
In zijn recent advies over wonen pleitte de Vlaamse Ouderenraad reeds voor een mogelijke coördinerende rol voor de lokale dienstencentra opdat ouderen kwaliteitsvol oud kunnen worden in hun eigen omgeving. Hiervoor is echter meer nodig dan enkel de versterking van deze lokale dienstencentra. Dit vraagt een nauwe samenwerking tussen de beleidsdomeinen Welzijn, Wonen, Omgeving en Mobiliteit.
De Vlaamse Ouderenraad ontwaart vandaag door de Vlaamse regering een eerste aanzet naar een mindshift in het ouderenbeleid. De Vlaamse Ouderenraad is dus tevreden dat deze keuzes worden gemaakt en ziet hierin een eerste aanzet naar een meer geïntegreerd ouderenbeleid. Tegelijk volgen we aandachtig op hoe deze plannen op het terrein verder worden gerealiseerd. De uiteindelijke meerwaarde zal immers afhangen van correcte middelen, een sterke lokale verankering en een goede samenwerking tussen de verschillende beleidsdomeinen en zorgactoren.