Onze drie voorwaarden voor een succesvol Ouderenbeleidsplan 2026 – 2030

Onze drie voorwaarden voor een succesvol Ouderenbeleidsplan 2026 – 2030

Onze drie voorwaarden voor een succesvol Ouderenbeleidsplan 2026 – 2030

Ouderen in gesprek

Op 22 september bespreekt de commissie Welzijn van het Vlaams Parlement de definitieve versie van het nieuwe Vlaamse Ouderenbeleidsplan 2026-2030. Hoewel de Vlaamse Ouderenraad betreurt dat veel van zijn opmerkingen niet werden weerhouden en zich vragen stelt bij de evaluatie van het vorige Ouderenbeleidsplan, willen we ons een constructieve partner tonen bij de uitwerking en de opvolging van het nieuwe Ouderenbeleidsplan. Om hiervan een succes te maken, schuiven we drie essentiële voorwaarden naar voren.

1. Een transparant en concreet opvolgingskader


Na de goedkeuring van het Ouderenbeleidsplan zal een opvolgingskader worden uitgewerkt. Hierin worden de verschillende acties geconcretiseerd qua timing, budget en verantwoordelijke actoren. De Vlaamse Ouderenraad zal structureel worden betrokken bij de verdere concretisering, opvolging en reflectie over de uitvoering van het plan.

Als partner bij de opmaak van het opvolgingskader willen we benadrukken dat hier geen tijd meer te verliezen is. Voor de timing van bepaalde acties, zoals het innemen van een standpunt over een VN-Conventie voor Ouderenrechten, is het immers al vijf over twaalf.

De Vlaamse Ouderenraad vindt ook dat heel wat acties nood hebben aan een meer beleidsdomeinoverschrijdende aanpak, met een engagement van verschillende Vlaamse ministers. Zo kan je niet aan de beeldvorming van oudere personen werken, zonder de betrokkenheid van de domeinen Onderwijs en Media, en moet je voor initiatieven rond buurtgerichte zorg ook drempels qua mobiliteit en omgeving wegwerken.  Enkel door een goede samenwerking en bundeling van krachten tussen alle betrokken beleidsentiteiten en -niveaus kunnen we de noodzakelijke resultaten behalen.

2. Duidelijke indicatoren


Het Ouderenbeleidsplan steunt op zes leidende principes die we ten volle ondersteunen, met name een mensenrechtenbenadering, respect voor autonomie en regie, beleidsparticipatie van ouderen, medezeggenschap en inspraak van ouderen, aandacht voor de diversiteit bij ouderen en het principe van proportioneel universalisme. Op vraag van de Vlaamse Ouderenraad worden deze principes sterker door de tekst verweven, door ze te vertalen naar indicatoren in het opvolgingskader. Deze indicatoren moeten dienen als toetssteen bij elke actie en zullen worden gebruikt bij de monitoring en evaluatie van het beleid.

Het moet de Vlaamse Ouderenraad van het hart dat de wijze van evaluatie van het voorbije Ouderenbeleidsplan, zonder inspraak van ouderen of aandacht voor de diversiteit bij ouderen, indruist tegen de leidende principes van het nieuwe Ouderenbeleidsplan. Het kan niet dat het louter organiseren van een evenement voldoende is om een actie als gerealiseerd te beschouwen, zonder duidelijke evaluatie en cijfermateriaal over de reële beleidsimpact op oudere personen. 

Ook het vooropgestelde engagement om aandacht te blijven hebben voor toegankelijkheid, betaalbaarheid of digitale inclusie omhelst daarom nog geen op ouderen gericht beleid, dat rekening houdt met hun wensen, mogelijkheden of drempels waarmee ze worden geconfronteerd. Dit vergt dus ook meer onderzoek naar die specifieke wensen, capaciteiten en drempels, samen mét hen.

Daarom vraagt de Vlaamse Ouderenraad dat er werk wordt gemaakt van voldoende concrete acties met meetbare indicatoren, zodat de beleidsimpact op ouderen systematisch kan worden opgevolgd en degelijk kan worden beoordeeld tijdens de tussentijdse evaluatie in 2028 en de eindevaluatie in 2030. Dit vereist ook meer onderzoek naar en duidelijke data over de huidige situatie voor oudere personen in het algemeen of voor specifieke groepen ouderen én duidelijke doelstellingen over waar de Vlaamse regering in 2030 wil staan qua ouderenbeleid. 

3. Een consultatieagenda voor verdere inspraak van ouderen


Gelet op de principes van beleidsparticipatie van ouderen en medezeggenschap en inspraak van ouderen, vindt de Vlaamse Ouderenraad het terecht dat de participatie van oudere personen in de verdere uitvoering en opvolging van het Ouderenbeleidsplan wordt doorgetrokken. Ouderen en hun vertegenwoordigers zijn en blijven zelf de meest relevante stakeholders van het Ouderenbeleidsplan en hun betrokkenheid bij de opvolging en eventuele bijsturing van acties is essentieel.

Om die kwaliteitsvolle dialoog mogelijk te maken is een werkbare consultatieagenda nodig, die rekening houdt met een realistische consultatieperiode, zodat de Vlaamse Ouderenraad de diverse doelgroep doeltreffend kan raadplegen. Pas dan garanderen we dat ouderen volwaardig participeren aan de opmaak, opvolging en bijsturing van dit beleidsplanMinister Gennez heeft zich geëngageerd om, in overleg met de Vlaamse Ouderenraad, te verkennen hoe een werkbare en transparante planning van adviesmomenten kan worden uitgewerkt binnen de beleidscyclus.

Dit sterkt ons in de overtuiging dat we, mits respect voor de drie opgesomde voorwaarden, samen een succes kunnen maken van dit Vlaams Ouderenbeleidsplan.

Meer informatie


Het Vlaams Ouderenbeleidsplan zoals goedgekeurd door de Vlaamse Regering vind je hier.

Alle informatie rond deze beslissing van de Vlaamse Regering.

Lees hier ons eerdere advies 2026/3 over het ontwerp van het Vlaams Ouderenbeleidsplan 2026-2030.

© Foto: Laurane Berkein

Toegevoegd op 27 augustus 2026